PTA leerjaar 3 en 4
Richtlijnen Programma van Toetsing en Afsluiting (PTA leerjaar 3 en 4):
  • In de bovenbouw leerjaar 3 en 4 wordt ieder schooljaar gewerkt met 3 perioden:
    • klas 3: september t/m november (1) – december t/m maart (2) - april t/m juni (3).
    • klas 4: september t/m oktober (4) – november t/m januari (5) – februari t/m medio april (6).
  • Er worden drie soorten toetsen onderscheiden:
    • tussentijdse kleine toetsen (overhoringen, controle huiswerk e.d.).
    • tussentijdse grote toetsen (proefwerken, afronding hoofdstukken, kijk- en luistertoetsen, belangrijke presentaties e.d.)
    • toets toetsweek / afronding periode (per vak de afname van één “grotere” toets die enkele hoofdstukken / leerstofonderdelen beslaat).
  • Het beroepsgerichte vak bestaat uit een tweetal onderdelen:
    • het profielvak, bestaande uit vier modules (verplichte samenstelling)
    • vier keuzevakken (door de school te bepalen).
  • ​Opbouw profielvak:
    • module 1: gemiddelde kleine toetsen 1x
      gemiddelde grote toetsen 2x
      afronding profielvak 2x
    • module 2: gemiddelde kleine toetsen 1x
      gemiddelde grote toetsen 2x
      afronding profielvak 2x
    • module 3: gemiddelde kleine toetsen 1x
      gemiddelde grote toetsen 2x
      afronding profielvak 2x
    • module 4:  gemiddelde kleine toetsen 1x
      gemiddelde grote toetsen 2x
      afronding profielvak 2x

    Eindcijfer profielvak: totaal van eindcijfer module 1 + module 2 + module 3 + module 4 /4 (= cijfer schoolexamen)

  • ​Opbouw profielvak:

    • keuzevak 1: gemiddelde kleine toetsen 1x
      gemiddelde grote toetsen 2x
      afronding profielvak 2x
    • keuzevak 2:  gemiddelde kleine toetsen 1x
      gemiddelde grote toetsen 2x
      afronding profielvak 2x
    • keuzevak 3:  gemiddelde kleine toetsen 1x
      gemiddelde grote toetsen 2x
      afronding profielvak 2x
    • keuzevak 4:   gemiddelde kleine toetsen 1x
      gemiddelde grote toetsen 2x
      afronding profielvak 2x

  • De opzet / indeling van het profielvak in vier profielvakken is landelijk vastgesteld en wordt met een centraal schriftelijk- en praktisch examen afgesloten. Het eindcijfer van het betreffende profielvak is het rekenkundig gemiddelde van het schoolexamen (zie opbouw profielvak) en het centraal schriftelijk en praktisch examen.
  • ​De indeling / opzet van de keuzevakken wordt door de sector bepaald en vastgelegd in het PTA. De sector kan in deze kiezen uit verschillende mogelijkheden:
    • de vier te behandelen keuzevakken staan vast en worden binnen de sector door alle leerlingen gevolgd óf
    • de vier te behandelen keuzevakken zijn in verschillende samenstellingen vastgelegd in leerroutes waar de leerling uit kan kiezen óf
    • een geselecteerd aantal keuzevakken wordt als pakket aangeboden, waarbij de leerling de mogelijkheid heeft hieruit een keuze van vier te maken.
  • Vanwege de per sector verschillende indeling/opzet van het profielvak en de keuzevakken kent het beroepsgerichte vak geen periode-indeling en daardoor ook geen periodecijfers. Alle resultaten worden bij het betreffende onderdeel in het PTA ondergebracht, waarna periodiek volgens bovenstaande regels het gemiddelde wordt berekend voor het profielvak en elk behandeld keuzevak afzonderlijk. De vermelde resultaten moeten gezien worden als voortschrijdende gemiddelden.
  • Deze opbouw / samenstelling van het beroepsgerichte vak heeft consequenties voor de weergave van het resultaat op het rapport:
    • Beroepsgericht vak Profielvak _____
      Keuzevak (naam) _____ 
      Keuzevak (naam) _____ 
      Keuzevak (naam) _____ 
      Keuzevak (naam) _____ 

Richtlijnen algemeen

  • Alle cijfers in het PTA (incl. de gemiddelde deelcijfers) worden uitgedrukt in 1 decimaal.
  • Voor LO wordt wel gewerkt met periodecijfers, maar na afronding van het PTA wordt het SE-cijfer uitgedrukt in een letter: O (onvoldoende)- V (voldoende)- G (goed)